Hypermobiele Pols

Als je een hypermobiele pols hebt, zijn de banden van de pols te los geworden, waardoor je gemakkelijk je pols verzwikt. Een hypermobiele pols leidt vaak tot pijnklachten tijdens werk of sporten. Als je een hypermobiele pols niet behandelt, kan dit leiden tot een tennis- of golferselleboog en schouderklachten. Hypermobiliteit wordt ook wel hyperlaxiteit genoemd.

Diagnose en onderzoek

Botten en banden

De pols bestaat uit veel botten, waaronder twee botten in de onderarm, acht middenhandsbotjes en 19 botjes die de vingers vormen. De banden (ligamenten) zorgen ervoor dat deze botten met elkaar samenwerken en stabiliseren de gewrichten. Te losse banden kunnen het gewricht niet genoeg stabiliseren. Hierdoor verzwik je steeds je pols, wat leidt tot zwellingen en pijn.

Oorzaken hypermobiele pols

Soms is de oorzaak van de hyperlaxiteit onduidelijk. Er zijn mensen die van zichzelf hypermobiel zijn. Maar je kunt ook een hypermobiele pols krijgen door een ongeluk of trauma.

Behandeling Hypermobiele Pols

Spalktherapie

De meest voorkomende behandeling is het dragen van een polsspalk (brace). Misschien heb je eerder al een polsspalk gedragen, maar was die periode te kort. Je moet de spalk vier weken lang 24/7 dragen, ook bij bijvoorbeeld douchen. Door de brace krijgt het gewricht rust en blijft de pols ook in de juiste houding als je slaapt. Veel mensen slapen met hun pols in een knik, waardoor er spanning op de banden komt en deze niet kunnen herstellen.

Na vier weken ga je, onder begeleiding van de handtherapeut, de spalk afbouwen en de pols optrainen. Er is een speciaal oefenprogramma waarbij je leert om de hypermobiele pols zonder brace te stabiliseren. Dit programma heet het Videler protocol.

Operatie

Als de polsspalk en het oefenprogramma niet genoeg helpen, is een operatie mogelijk. Deze ingreep gebeurt in dagbehandeling onder plaatselijke verdoving of volledige narcose. We kijken of de banden alleen zijn opgerekt of dat ze zijn gescheurd. Vaak kunnen we de instabiele band herstellen door deze te hechten. Soms gebruiken we ook een klein schroefje om de band vast te zetten aan het bot. Na de operatie heb je een drukverband met gipsspalk erin.

Revalidatie

Na de operatie

Na de operatie krijg je een sling (mitella) mee naar huis om te gebruiken tijdens het lopen. Tijdens zitten of liggen is het belangrijk om de hand hoog te houden op een kussen. Dit gaat zwelling en pijn tegen. Na 3-5 dagen kom je terug bij de handtherapeut. Het verband wordt verwijderd en je krijgt een polsbrace die je vier weken lang draagt. Daarna ga je acht weken de brace afbouwen en de pols optrainen.

Oefenen

In de eerste vier weken start je met oefentherapie bij de handtherapeut. Je oefent het bewegen van je gewrichten. Enkele weken later ga je de brace afbouwen en de pols optrainen. Dit gebeurt met een speciaal oefenprogramma waarbij je leert om de hypermobiele pols zonder brace te stabiliseren. Dit programma heet het Videler protocol. We adviseren om de eerste 12 weken de brace te blijven dragen tijdens sporten, belastende activiteiten en slapen, zodat de pols niet kan dubbelknikken.

Resultaat

Na ongeveer 1,5 jaar heb je maximale kracht in je pols. De eerste drie maanden is het litteken wat rood/paarsig en verdikt. Door massage en goede huidverzorging rondom het litteken kun je dit verbeteren. Na een jaar is het litteken maximaal geheeld en vervaagd.

Eventuele complicaties

De kans op complicaties bij deze ingreep is klein. Zoals bij elke ingreep is er een kans op wondinfectie, nabloeding of op het openspringen van de wond. Daarnaast moet je rekening houden met de littekenvorming die bij iedereen anders kan verlopen.

Onze specialisten

Veelgestelde vragen

Een overzicht van de meest gestelde vragen over hyperlaxitie.

Wat is de oorzaak van een hypermobiele pols?

Soms is de oorzaak van de hyperlaxiteit onduidelijk. Er zijn mensen die van zichzelf hypermobiel zijn. Maar je kunt ook een hypermobiele pols krijgen door een ongeluk of trauma.

Moet ik er iets aan laten doen?

Misschien heb je vanwege de pijnklachten al meerdere artsen gezien of onderzoeken gehad zoals een echo, MRI of kijkoperatie. Als deze onderzoeken geen duidelijk klachtenbeeld laten zien, wordt vaak gezegd dat er niets te doen is aan de pijn. Dat is gelukkig niet waar, er is namelijk wel wat te doen aan de pijnklachten door hyperlaxiteit.

Welke mogelijke behandelingscomplicaties zijn er?

De kans op complicaties bij deze ingreep is klein. Zoals bij elke ingreep is er een kans op wondinfectie, nabloeding of op het openspringen van de wond. Daarnaast moet je rekening houden met de littekenvorming die bij iedereen anders kan verlopen.

Een mogelijke complicatie is dat het polsgewricht te stijf is geworden. Tijdens de operatie (herstel van de band) maken we de band altijd iets strakker dan deze uiteindelijk moet zijn. Dit doen we omdat de band na enkele maanden altijd wat losser wordt. Maar soms staat de band iets te strak en blijft de pols te stijf. Ook kan het littekenweefsel het gewricht stijf maken. Daarom is handtherapie essentieel na de ingreep. Er is een kleine kans dat je opnieuw een hypermobiele pols krijgt, bijvoorbeeld als een band scheurt door een verkeerde beweging of val. We kunnen de operatie dan herhalen.

Bij elke ingreep aan hand en pols is er een kleine kans op het ontwikkelen van dystrofie.

Vraag meer informatie aan

Mogen we jou ook helpen met jouw klachten? Neem dan contact met ons op. De informatie nog eens rustig nalezen? Download de brochure.